De Pottenbakkers | Deurne
Wat zich hier onder de grond afspeelt, speelde vroeger een praktische rol boven de grond. Pottenbakkers maakten gebruik van het water dat hier beschikbaar kwam door de Peelrandbreuk.
De Peelrandbreuk is een scheur in de aardkorst die het landschap verdeelt in een hoger gelegen deel (de horst) en een lager gelegen deel (de slenk). Grondwater dat vanuit het hogere gebied stroomt, kan niet verder door de breuk en wordt omhoog gedrukt.
Voor ambachten die veel water nodig hadden, zoals het bakken van potten en kruiken, was dit een ideale situatie.
Bij werkzaamheden aan de Doctor Huub van Doorneweg 48 werd in 1994 een oude waterput ontdekt. Vanuit deze put liep een waterleiding van zogenoemde kannenbuizen, aardewerken buizen die waarschijnlijk door de Zeilbergse pottenbakkers zelf zijn gemaakt. De leiding voerde water naar een pottenbakkerij, mogelijk om ook in droge zomers over voldoende water te beschikken.
Uit historische bronnen weten we dat al rond 1610 een pottenbakker actief was op de Hanenberg. In de eeuwen daarna werkten hier in totaal 28 pottenbakkers. De productie bereikte haar hoogtepunt in de 17e eeuw.
Archeologisch onderzoek in 1994, 2009 en opnieuw in 2024 bracht steeds meer resten van deze geschiedenis aan het licht. Deze plek laat zien hoe de ondergrond, en vooral de Peelrandbreuk, invloed had op het leven en werk van mensen in de Zeilberg.
